Riksja reiziger aan het woord: Ingeborg vertelt over Nieuw-Zeeland

Reiziger Ingeborg maakte met haar volwassen dochter Caroline een mooie en gevarieerde reis door Nieuw-Zeeland met Riksja Travel. Ze hebben hun belevingen dagelijks bijgehouden op een reisblog via ‘Waarbenjij.nu’. Met toestemming van Ingeborg delen we graag wat delen en foto’s uit het blog. Wij vonden de verhalen steeds erg leuk om te lezen en ze geven een goed beeld van wat je tijdens een rondreis met Riksja Nieuw-Zeeland kunt verwachten. In 2017 is Ingeborg met Riksja China op pad geweest en in november 2018 stapt ze weer met ons op het vliegtuig naar Nieuw-Zeeland! Hier en daar heb ik de beschrijvingen wat ingekort. Kijk hier voor het volledige blog.

Dolfijnen en orka’s – excursie bij de bouwsteen ‘Woudreuzen en eilanden

We hadden vandaag een topdag. Mooi weer en varen, een ideale combinatie! Rond half tien scheepten we in op een catamaran, die ons de Bay of Islands zou laten zien. We waren met ongeveer 20 mensen, wat een verschil met de volgepakte tourboten die we ook zagen uitvaren.

Na een gezondheidsverklaring te hebben getekend voor het eventueel zwemmen met dolfijnen gingen we van start. Al vrij snel na de afvaart werden er dolfijnen gespot. Diegenen die het koude water wilden trotseren en de woeste baren, hesen zich in een wetsuite wachtend op het teken om het water in de mogen. De dolfijnen hadden echter weinig zin in een beetje spelenzwemmen en zwommen na een paar buitelingen weg. Later zou blijken waarom. Niet getreurd, de zon scheen, de omgeving was prachtig, water, dicht beboste (privé) eilanden, waarvan eentje van acht miljoen, rotsen en prachtige baaien wisselden elkaar af. Voor de lunch meerden we af in zo’n baai. De landrotten onder ons konden even de benen strekken op het eiland. Dat was echt de moeite waard, want na een kleine klim ontvouwde zich een prachtig vergezicht, water, bossen, verweerde rotsen en holen waarin het water klotste.

Na de lunch ging het verder, dolfijnen lieten zich niet meer zien, maar en dat schijnt nauwelijks voor te komen op een dag, aan de horizon verschenen zes orka’s. Wat een mooie beesten, zwart-witte lichamen die door het water gleden, soms naast, soms onder de boot en dan zag je ze weer verder weg opduiken, de passagiers waren stil van verrukking. Echt jammer dat we ze op een gegeven moment moesten verlaten om verder te gaan.

Met een Maori door het regenwoud – bouwsteen ‘Maori Forest Trail

Er stond een wandeling met een Maori door het regenwoud op het programma. We bleken de enige belangstellenden te zijn. Daar ga je dan met een vreemde man een uitgestrekt, onbekend bos in. Onze gids begon al meteen in de auto, we waren Rotorua nog niet uit, zijn pessimistische wereldbeeld te vertellen. De aardbeving bij Kaikoura was de voorbode van het vierde koninkrijk, waarbij natuurrampen het grootste gedeelte van de wereld wegvagen, de polen omwisselen en het Noordereiland in vier eilanden uiteen valt. En dat alles gebeurt binnen nu en een paar maanden. Welkom in de wereld van deze Maori.

Ondanks dit doemdenken was het een aardige en kundige gids. Hij vertelde veel over het leven van de Maori’s en de verschillende stammen en liet ons in Whirinaki regenwoud planten en bomen zien die we zelf niet opgemerkt zouden hebben; we zouden al helemaal geen weet hebben van hun geneeskrachtige werking. Hij wees ons op reusachtige eeuwenoude bomen, die allemaal een andere gebruikswaarde hadden voor de Maori. Van de ene boom werden kano’s gemaakt, de andere was meer geschikt voor wapens, en weer een ander voor het afdichten van huizen. Deze bomen stonden in een dicht woud van varens. Sommige meer dan manshoog. En alles was vergeven van het jonge groen, onze gids maakte video’s van het bos en plukte de jonge scheuten van een varen om mee te koken.

Voordat we het bos ingingen vroeg hij het bos ons welkom te heten, in een korte ceremonie. Dat was indrukwekkend. Hij leidde ons ook naar een punt boven een canyon met woest stromend water en twee watervallen. Bij de laatste maakte hij een indrukwekkende lunch met heel veel verschillend beleg en sausjes. Daar vertelde hij ook dat hij in zijn jonge jaren in Nederland antropologie studenten had verteld over de gebruiken van de Maori’s.

Op de heen- en de terugweg genoten we van het uitzicht op kleine lichtgroene heuvels en bloeiende bremstruiken, niet inheems in Nieuw-Zeeland. Ook zong hij nog enkele Maoriliederen voor ons. Het afscheid was op z’n Maori’s, neuzen tegen elkaar en elkaar diep in de ogen kijken.

Bulderende zee – bouwsteen ‘Van kust naar gletsjer

Het westen van het Zuidereiland staat bekend om de vele regen. Daar hebben we vannacht enkele druppels van meegekregen. Het kletterde op het dak van ons aardige huisje, waardoor we wakker werden. Het ontbijt viel wat tegen, weer geen ei en wel muffins, maar die lust ik niet.

Welgemoed gingen we in de regen verder. Volgens de boekjes konden we een dramatisch landschap tegemoet zien. In het begin reden we door een dichtbegroeid berglandschap, waarin palmen en varens domineerden. Of de jonge of de afstervende bladeren van de varens hebben een rode gloed. Dit brengt kleur in het overige groen/bruine landschap.

Op een gegeven moment werd het echt bijzonder. De bergen reikten aan de zee en de weg was tussen de rand van de bergen en de zee gepropt. De kust is grillig, met dan weer vlakke stukken met zwart zand en dan weer rotspartijen zowel op het land als in zee. Vanaf de weg heb je steeds weer een ander gezicht. We reden bijna alleen, waar dan al die mensen bij een bezienswaardigheid vandaan komen is me dan ook altijd een raadsel. Bij de Pancakes Rocks stonden beide parkeerplaatsen vol. Nu is dat ook wel erg bijzonder. Rotsen als platte pannenkoeken op elkaar gestapeld, maar dat is niet alles. De zee baant zich met bulderend lawaai een weg door enkele gaten in de rotsen. Het water spat hoog op, terwijl het schuim blijft liggen, weggespoeld door weer een gigantische golf. Het gaat met zoveel geraas dat uit een gat zo nu en dan waterdamp komt. Een machtige belevenis. Jammer dat jullie het geluid niet kunnen horen, of er ontelbare paarden komen aanstormen.

Varen op Milford Sounds – bouwsteen ‘Overnight cruise

Na de boodschappen in Te Anau, gingen we vrijdag op weg, op naar ze zeggen de mooiste route van Nieuw-Zeeland, die van Te Anau naar Millford Sounds. Bijna alles wat we tot nu toe gezien hebben, heeft zich ook samengebald in deze 120 km lange weg: grazige weiden, uitgestrekte meren, wateren waarin de bergen zich weerspiegelen, loodrechte wanden, watervallen, eeuwige sneeuw en dramatische vergezichten op besneeuwde toppen. Vooral na de tunnel, die in Europa afgekeurd zou worden vanwege de veiligheid (eenbaans, slecht verlicht, geen vluchtwegen en beroerd wegdek, wel gereguleerd met een stoplicht) werd het echt schitterend. Via een paar haarspeldbochten doken we naar beneden met steeds zicht op begroeide dalen diep onder ons en de besneeuwde toppen verder op. Bij Millford aangekomen scheepten we ons in op de Wanderer, waarbij we in plaats van de geboekte vierpersoonshut, geupgrate waren naar een tweepersoonshut. Er waren 12 passagiers en bijna evenveel crew. Nadat we aan boord waren gegaan, kregen we soep en voeren we een klein stukje de Sound op voordat we voor anker gingen. Gewapend met een zwemvest stapten we in een bootje die ons aan de kant afzetten voor een natuurwandeling over een klein deel van de beroemde Millford Track. Alleen bij de aanlegplaats wemelde het van de plaaggeesten van Millford Sounds, de zandvlieg. Een minivliegje, waarvan een steek dagen kriebelt. Mijn hand is nog dik. Daarna zagen we ze niet meer. De gids leerde ons weer andere dingen over het regenwoud dan de Maori in Rotorura. Ook liet hij ons glashelder water drinken uit een beek.

Weer aan boord stond het diner klaar. De boot voer ondertussen naar een rustige baai om voor anker te gaan zodat we konden slapen zonder het geronk van de motor. Het bed was kort, smal en hard, maar gezien de grootte van de boot comfortabel. We konden ‘s morgens zelfs onder de douche. Om zeven uur ontbijt, zowel koud als eieren met worst, bacon en aardappelkoekjes. De boot startte en de Sound was ours. Vooral de terugweg was spectaculair. We hebben eindelijk pinguïns gezien. Iedereen rende meteen naar het bovendek. Wat een grappige beesten zoals ze van steen naar steen sprongen. Ook de robben waren weer present. Ze lagen daar opgerold net als onze schapendoes Tobias op een ongemakkelijke rots. Spectaculair was een van de grootste watervallen ter wereld met ruim 150 m vrije val, hoger dan de piramides. De oprijzende steile wanden zijn veel hoger dan de Eiffeltoren. En dan groeien er nog planten op. Op een plek had een aardbeving de berg gespleten, elders had de gletsjer miljoenen jaren geleden de rotsen ruw uitgesleten. En omdat we ‘s morgens vroeg voeren was er nog geen boot te zien.

Verstuur je reisplan